Matthijs Hogendoorn

De lessen van King (en Krol)

De lessen van King (en Krol)

Ik herlas passages uit On Writing van Stephen King. Die geeft bepaald geen slechte schrijfadviezen, al kun je over sommige van z’n opvattingen anders denken. Mocht u het gaan lezen voor de schrijfkunst, sla het eerste hoofdstuk (C.V.) eventueel over. Er is ook een vertaling, zag ik, daar kan ik niets over zeggen.

King schrijft over veel, maar ook uitgebreid over wat hij als de basiselementen ziet van een goed verhaal: een ‘gereedschapskist’ van woordenschat, grammaticale beheersing en stilistische ‘regels’, en vervolgens narratief, beschrijving, dialoog en ontwikkeling van personages. Eindeloos zelf lezen en oefenen waarmee je je eigen ‘stilistische’ blend en toon ontwikkelt. Belangrijk vindt hij: wees ‘oprecht’ in het toevertrouwen van je verbeelding aan het papier – dat klinkt misschien zweverig, maar is het geenszins.
King geeft – prettig – veel voorbeelden van schrijvers en waar ze zijns inziens in uitblinken, en soms waarin juist niet.

Pas verderop  gaat hij in op wat hij noemt: ‘… bells and whistles …, all of which are covered – sometimes at exhausting length – in writing courses and standard writing texts.
De toeters en bellen die je kunt toepassen om je verhaal te verfraaien of ook hopeloos te vernachelen. Tempo, interne dialoog, tijdgebruik, flash back, herhaling, alliteratie en andere ‘technische’ ingrepen.
King: ‘Try any goddam thing you like, no matter how boringly normal or outrageous. If it works, fine. If it doesn’t, toss it. Toss it even if you love it.’ (Daar zijn de kill-your-darlings weer).

Onder die toeters en bellen schaart King ook: symboliek. En thematiek. In cursussen kan er eindeloos over worden geouwehoerd, schrijft hij. Maar zoveel wordt ook door schrijvers pas gaandeweg of zelfs achteraf vastgesteld.
De eerste versie van Carrie had King al geschreven voordat hij zag dat bloed een rol speelde in meerdere scènes. En toen pas ging hij kijken of hij die symbolische waarde kon versterken in een volgende versie. ‘En dan voelde jij je een sukkel op school als je niet de symboliek van de kleur wit in Moby Dick had onderkend.’
Idem geldt dat voor thema, sterker nog: vooraf nadenken over thema is wat hem betreft een recept voor slechte fictie. ‘Good fiction always begins with story and progresses to theme.’

Ik moest denken aan de prachtige woorden van Gerrit Krol, die ik in mijn cursus altijd wel eens aanhaal: ‘Meestal schiet je ernaast, faliekant mis. Je rent naar de afgeschoten pijl, die trillend staat in het hout. Je tekent er een roos omheen en de lezer zegt bewonderend: ‘Hoe krijgt hij het voor elkaar!’

Niet mee eens? Tegenvoorbeelden wellicht? Dat kan ik me best voorstellen. Maar hoe je er ook over denkt, Kings opinies geven stof tot nadenken en zijn wat mij betreft inspirerende handvatten voor mensen met schrijfambitie (aan lelijke woorden wijd ik misschien wel een volgende blog).