Matthijs Hogendoorn

Over ‘zodat’ en ‘opdat’, en wat dat in beleidsstukken vermag

Over ‘zodat’ en ‘opdat’, en wat dat in beleidsstukken vermag

Laatst probeerde ik het weer eens met een (vak)auteur. Ik bespaar u de details, ik schreef aan hem zoiets als: “De maatregel die je hier aanbeveelt, heeft een doel. De zekerheid van de uitkomst heb je niet. Dus is het in jouw geval beter om te schrijven: Dit bevelen wij aan, opdat het volgende zal gebeuren.

Antwoord van de schrijver: “Nee, ik wil zodat. Opdat klinkt niet goed. Te ouderwets en te vaag.”

Ik heb het meteen weer opgegeven, de laatste keer dat ik het had gesuggereerd was niet voor niets lang geleden.

 

Onze Taal schrijft dit over het verschil:

‘Ze gaf haar zoontje de fles, opdat/zodat hij zou ophouden met huilen.’ Wat is het juiste voegwoord?

Opdat en zodat zijn beide mogelijk. Ze betekenen in deze zin allebei ‘met de bedoeling dat’. Opdat is wel wat formeler en daardoor minder geschikt voor de spreektaal.

De voegwoorden opdat en zodat zijn echter niet altijd synoniem. Zodat heeft namelijk nóg een betekenis, die opdat niet heeft: ‘met als gevolg dat’. In de zin ‘Het was erg glad, zodat alle fietsers moesten afstappen’ is opdat niet mogelijk.

Met andere woorden, zegt Onze Taal en ook Van Dale (1990) trouwens: zodat kan altijd, opdat heeft maar één betekenis en is bovendien formeel.
(Ze bedoelen: je bent een ouwe zak als je dat nog hanteert, óók op schrift.)

 

Het gevolg

Mijn punt is: op die eerste manier (‘met de bedoeling dat’) wordt zodat niet gebruikt door een onderzoeker die z’n vondsten in een vakblad voor het voetlicht wil brengen. Of door een ambtenaar in een beleidsstuk.
Want zo’n auteur heeft iets te verkopen en wil dus zoveel mogelijk richting tweede betekenis.

Zo’n auteur schrijft, in tegenwoordige tijd want dat ‘helpt’ de gewenste interpretatie:

‘Ik geef mijn zoontje de fles, zodat hij ophoudt met huilen.’

Mijn voorstel zou dan zijn: ‘Ik geef mijn zoontje de fles, opdat hij ophoudt met huilen.’

Voelt u het verschil?

Het zoontje is in het geval van zodat eigenlijk alweer stil. De maatregel heeft geholpen.

Dat laatste wilde ook ‘mijn’ auteur overbrengen.

Opdat is niet vaag, niet ouderwets. Wat ouderwets is, is het erkennen van onzekerheid.

Opdat laat ondubbelzinnig zien: ‘Dit is mijn bedoeling, ik hoop dat het lukt.’

Dat moet koste wat kost worden voorkomen. Men wil vooraf horen dat de ingreep is geslaagd. En als de onzekerheid om te beginnen op schrift niet meer bestaat…

Ik denk dat als je alle beleidsstukken bij de overheid en andere organisaties alleen al op die kleine verschuiving in woordjes zou controleren, je met een onafzienbare berg aanmatigende aannames zou blijven zitten, die gaandeweg in besluitvormingsprocessen tot zekerheden zijn gebombardeerd. En die die organisaties soms veel langer in de verkeerde richting hebben gestuurd dan noodzakelijk was geweest.